Hoewel de wil om ondernemerschap te stimuleren de afgelopen jaren heeft geleid tot een toenemende administratieve vereenvoudiging, blijft het starten van een onderneming in België een grondige voorafgaande analyse vereisen.
Sinds de zesde staatshervorming heeft de wetgeving inzake de toegang tot het beroep ingrijpende wijzigingen ondergaan, waardoor de wettelijke verplichtingen verschillen naargelang het gewest waar uw onderneming is gevestigd.
Voor bedrijfsleiders, ambachtslieden en ondernemers (bijvoorbeeld, maar niet alleen, in de bouwsector) is het niet kennen van deze regels veel meer dan een eenvoudige administratieve fout: het kan leiden tot de nietigheid van hun overeenkomsten, zware geldboetes en zelfs de ontbinding van hun vennootschap.
Hieronder volgt een gedetailleerd overzicht van de huidige regels inzake toegang tot het beroep en de gevolgen van een overtreding.
1. Het huidige kader: een België met drie snelheden
Historisch gezien moest iedereen die een handels- of ambachtelijke activiteit wilde opstarten, zijn basiskennis bedrijfsbeheer aantonen. Vandaag is deze verplichting in alle drie de gewesten afgeschaft, maar er blijven belangrijke verschillen bestaan.
In Vlaanderen
Als pionier ter zake heeft het Vlaamse Gewest de verplichting inzake basiskennis bedrijfsbeheer al geruime tijd geleden afgeschaft en de toegangsvoorwaarden voor bepaalde beroepen geleidelijk afgebouwd. Zo werd de regelgeving inzake de toegang tot het beroep voor bouwactiviteiten reeds op 1 januari 2019 opgeheven.

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Een hervorming die begin 2024 in werking trad, schafte de verplichting af om basiskennis bedrijfsbeheer aan te tonen. Dezelfde hervorming schafte ook de verplichting af om beroepsbekwaamheid te bewijzen voor verschillende specifieke beroepen (groothandelaar in vlees, droogkuiser-verver, pedicure, masseur en tandtechnicus). Voor andere gereglementeerde activiteiten, met name in de bouwsector, blijft het aantonen van beroepsbekwaamheid echter vereist.
In Wallonië
Sinds 1 oktober 2025 hoeven zelfstandigen en startende ondernemingen niet langer hun basiskennis bedrijfsbeheer aan te tonen. Deze maatregel heeft tot doel de oprichting van ondernemingen te vereenvoudigen en Wallonië af te stemmen op de andere gewesten. Specifieke beroepsbekwaamheden blijven echter verplicht voor gereglementeerde activiteiten. Wallonië behoudt daardoor het strengste regime van de drie gewesten.
2. Welke activiteiten zijn betrokken?
De sectoren waarvoor in Brussel en Wallonië een verplichting geldt om beroepsbekwaamheid aan te tonen, kunnen worden onderverdeeld in vier grote categorieën.

Bouwsector
De bouwsector blijft de meest gereglementeerde sector. Hieronder vallen onder meer:
- Ruwbouwwerken;
- Dakwerken en waterdichting;
- Schrijnwerkerij;
- Tegelwerken;
- Glaswerken;
- Elektrotechnische werken (elektriciens);
- Speciale technieken (verwarming, airconditioning en sanitair);
- Algemene aanneming.
Voor elk van deze activiteiten moet de ondernemer een specifieke beroepsbekwaamheid aantonen.
Voedingssector

De tweede beschermde sector betreft voedingsactiviteiten, waaronder:
- Horeca;
- Catering;
- Bakkerijen en banketbakkerijen;
- Slagerijen en charcuteriezaken.
Deze activiteiten blijven onderworpen aan toegangsvoorwaarden, die niet mogen worden verward met de bijkomende sanitaire en milieuregels die eveneens van toepassing zijn.
Persoonsverzorging
Kappers, schoonheidsverzorging, optische zorg, tandzorg en uitvaartondernemingen blijven onderworpen aan specifieke toegangsvoorwaarden in Wallonië en, voor het grootste deel, ook in Brussel.
Automobielsector
.png)
Deze categorie omvat:
- De verkoop van tweedehandsvoertuigen;
- Carrosserieherstellingen;
- Mechanisch en elektronisch onderhoud van motorvoertuigen.
3. Hoe kan men zijn beroepsbekwaamheid aantonen?
Het bewijs kan op verschillende manieren worden geleverd. De erkende ondernemingsloketten zijn bevoegd om de waarde van deze bewijzen te beoordelen.
De belangrijkste bewijsmiddelen zijn:
- Een diploma dat verband houdt met de betrokken activiteit (technisch, beroeps- of hoger onderwijs);
- Voldoende beroepservaring in de sector, opgedaan in België of in het buitenland (meestal tussen drie en vijf jaar, afhankelijk van de functie);
- Een attest afgeleverd door de Centrale Examencommissie of de Examencommissie Ondernemerschap na een mondeling of schriftelijk examen.
De erkende bekwaamheden worden vervolgens geregistreerd in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO), die voor derden het eerste controlepunt vormt. Deze registratie ontslaat de betrokken persoon echter niet van de verplichting om bij een geschil de onderliggende bewijsstukken voor te leggen.
In de praktijk is het daarom essentieel om vóór de ondertekening van een overeenkomst de KBO te raadplegen en na te gaan of de NACEBEL-codes die overeenstemmen met de gereglementeerde activiteit correct geregistreerd zijn.
Wanneer onderaannemers worden ingeschakeld, moet de hoofdaannemer er bovendien op toezien dat deze onderaannemers beschikken over de vereiste beroepsbekwaamheden voor de werkzaamheden die hun worden toevertrouwd. Het ontbreken van de vereiste toegang bij een onderaannemer kan immers de geldigheid van de hoofdovereenkomst aantasten.
4. Sancties: een schending van de openbare orde
De toegang tot het beroep is een aangelegenheid van openbare orde. Dit betekent dat elke overeenkomst die wordt gesloten met een ondernemer die op het ogenblik van het sluiten van de overeenkomst niet beschikte over de vereiste beroepsbekwaamheid, absoluut nietig is.
Deze nietigheid houdt in dat de overeenkomst geacht wordt nooit te hebben bestaan.
In de praktijk kan de ondernemer dan geen betaling voor zijn werkzaamheden vorderen op basis van de overeenkomst, aangezien deze nietig is en hij zich er niet op kan beroepen (nemo auditur). Enkel een vordering op grond van ongerechtvaardigde verrijking kan hem eventueel toelaten een deel van zijn gemaakte kosten terug te vorderen, maar nooit zijn winst.
Bovendien is de onwettige uitoefening van een beroep niet louter een privaatrechtelijk geschil; het betreft een inbreuk die actief wordt opgespoord door de arbeidsinspectie en streng wordt bestraft op grond van het Sociaal Strafwetboek (met geldboetes die kunnen oplopen tot meer dan 50.000 euro en, in de zwaarste gevallen, gevangenisstraffen en een beroepsverbod).
Ten slotte bedreigt het ontbreken van de vereiste toegang tot het beroep in de toekomst zelfs het voortbestaan van de rechtspersoon, in het bijzonder sinds het wetsvoorstel van 13 januari 2026 dat zich richt op niet-conforme vennootschappen. Volgens dit voorstel vormt het handelen van een vennootschap in strijd met haar wettelijke verplichtingen een rechtstreekse grond voor gerechtelijke ontbinding.
De voortdurende uitoefening van een gereglementeerd beroep zonder over de vereiste kwalificaties te beschikken vormt aldus een schending van de openbare orde, waardoor de vennootschap kan worden opgeroepen voor de Kamer voor Ondernemingen in Moeilijkheden en de ondernemingsrechtbank haar eenvoudige ontbinding kan uitspreken.
De structurering van een handels- of ambachtelijke activiteit, de keuze van de exploitatiezetel en de controle van de vereiste beroepsbekwaamheden vormen cruciale stappen. Een fout op dit vlak kan fataal blijken.

Of het nu gaat om het controleren van de conformiteit van uw activiteiten, het uitvoeren van een risicoanalyse van een onderneming of het verdedigen van uw belangen voor hoven en rechtbanken, Vanbelle Law Boutique staat u bij met een aanpak op maat, waarin juridische nauwkeurigheid wordt gecombineerd met een diepgaande kennis van de ondernemingspraktijk en de gerechtelijke realiteit.



